ONTWERPVOORWAARDEN VOOR RIETEN DAKEN

Er is veel informatie en kennis over het rieten dak beschikbaar, over de kwaliteit van het riet, de aanbevolen dakhelling, de onderconstructie, aanvullende isolatie en het noodzakelijke onderhoud. Duidelijk is dat riet een natuurproduct is dat zich niet laat dwingen in een poldermodel van geven en nemen. Er zijn keiharde uitgangspunten waaraan geen concessies mogen worden gedaan. Er zijn rieten daken die – met gericht onderhoud – 30 tot 40 jaar goed kunnen functioneren. Helaas zijn er ook voorbeelden van rieten daken die het binnen 10 jaar laten afweten.

1 Ontwerp een rieten dak op een snelle droging
Riet is een organisch bouwmateriaal dat onder weersinvloeden aan het oppervlak slijt. De aardeinden van het riet verouderen door Uv-licht en zijn wisselend nat en droog. Om een goed rieten dak te kunnen ontwerpen is kennis van het materiaal, het gedrag en de uitvoeringswijze onontbeerlijk. Het water dat op het dak valt moet er zo snel mogelijk weer vanaf.

Het belangrijkste aspect voor de levensduur van een rieten dak is de snelheid waarmee riet weer droogt na een regenbui. Riet is een organisch materiaal dat onder invloed van vocht relatief snel vergaat (composteert). Een snelle droging is dus geboden. Een rieten dak waar het water snel vanaf loopt op een huis boven op een dijk of midden in de polder, gaat een leven lang mee. Een rieten dak in een bosrijke omgeving met een flauwe dakhelling vraagt daarentegen bijna dagelijks onderhoud. De nabije aanwezigheid van bomen en struiken en ook klimplanten kan het droogwaaien van het dak belemmeren. Vallend blad dat op het dak blijft liggen, kan bijdragen aan een verhoogd vochtgehalte van het riet. Minstens net zo schadelijk is de zogenoemde drupschade die ontstaat door het van takken druipende regen-, dauw- of smeltwater. Gebouwen en hoge bomen die te dichtbij staan, zorgen voor schaduw en vertragen daarmee eveneens de droging.

2 Ontwerp een rieten dak met een helling van meer dan 45 graden
Belangrijk voor de droging is de dakhelling. Een dakhelling van 40 graden lijkt wel fors, maar voor de individuele rietstengel, die gekneld wordt op het dak, is de hellingshoek veel minder. De dakhelling is dus niet hetzelfde als de riethelling. Bij dakkapellen ligt het riet zelfs bijna horizontaal en worden soms stroken DPC-folie gebruikt om de waterdichtheid te behouden. Het water dat op zo’n dakschild valt, dringt er diep in, waardoor het riet maar heel langzaam droogt. Riet dat te lang vochtig blijft, is vatbaar voor schimmels, waarmee het rottingsproces in gang wordt gezet. Het rietdekkersgilde adviseert een ontwerpregel van 45 graden of meer. Dakvlakken onder 30 graden zijn niet geschikt voor een rieten dak

Bij detailaansluitingen wordt de legrichting van het riet vaak anders. Bij de breeuw (zijkanten van een dakvlak) en in de killen wordt het riet schuin aangelegd, waardoor de hellingshoek van de rietstengels minder wordt.

De hellingshoek van een kil is veel flauwer dan die van de aanliggende dakvlakken. De waterbelasting is ook groter. Het rieten dak vormt op deze plaats een zogenoemde kilgoot Bij dakschilden met een te flauwe hellingshoek wordt de waterbelasting in de kil alleen maar meer. Kilgoten zullen dus eerder onderhoud nodig hebben.

Dakkapellen steken boven het dak uit waardoor de dakhelling aanzienlijk minder wordt. Door het dakvlak van de dakkapel tot in de nok te laten doorlopen wordt de hellingshoek iets gunstiger. Door getoogde dakkapellen toe te passen kan het opvallende regenwater ook naar links en naar rechts aflopen.